Gelukkiger worden, kan het?

Monthly Archives: October 2013

Natuurlijk leuk en aardig allemaal, maar van interviews met een ‘geluksprofessor’ en een docent gelukskunde word je niet direct gelukkig (tevens ook niet ongelukkig). Ik hoor het jullie denken. Speciaal voor vandaag een artikel met drie manieren om geluk te stimuleren.

1. Doe iets aardigs voor een ander.

If you want others to be happy, practice compassion. If you want to be happy, practice compassion. ~ Dalai Lama

Door de jaren heen heeft onderzoek aangetoond dat iets aardigs doen voor een ander geluk stimuleert. Door iets aardigs te doen voor een ander maak je serotonine vrij in je hersens, dit is een stof die je gelukkiger maakt. Ook degene voor wie je het doet maakt de stof vrij en in groepen maken ook de mensen die het zien serotonine aan. Iemand helpen of iets aardigs doen is enorm effectief voor jezelf en de mensen om je heen.

2. Wees dankbaar.

Het uiten van dankbaarheid is eigenlijk een soort basis voor geluk en het is voor iedereen anders. Het is verbazing, waardering, iets van de zonnige kant bekijken, iemand bedanken in je leven, een god bedanken, het is je ‘zegeningen tellen’. Dankbaarheid is ook dingen niet als vanzelfsprekend zien, een vorm van mindfulness en een manier om om te gaan met lastige gebeurtenissen in het leven.

Dankbaarheid is vooral de tegenhanger van negatieve emoties. Het kan je humeur direct positief omschakelen en zodoende je dag en leven veranderen. Toch zien de meeste mensen dankbaarheid als iets wat je eigenlijk alleen uit wanneer je een cadeautje krijgt of iemand iets voor je doet.

3. Blijf genieten van positieve momenten in jouw leven.

Haal weer eens een mooi moment terug uit je leven of van de afgelopen tijd, samen, in een groep of alleen. Lach er om en geniet er weer van. Wetenschappers hebben een aantal jaren geleden aangetoond dat het terughalen van mooie herinneringen iemands humeur positief beïnvloedt. Dus de volgende keer als jij je weer loopt te ergeren aan files of vertragingen, denk dan aan de favoriete momenten van jouw vorige vakantie!

 

 

 

Advertisements

5b8da7d1-6ef2-484a-9123-6d1ddc5d1745_geluks

Nare gedachtes in de prullenbak gooien, een kaarsje branden voor een zieke opa of de natuur in. Nee, het vak gelukskunde op het Eijkhagencollege in Landgraaf is zeker niet als de andere schoolvakken. ‘Op onze school leer je niet alleen Nederlands, wiskunde en biologie, maar ook hoe je met angst en verdriet om moet gaan’, vertelt Theo Wismans, docent gelukskunde en één van de initiatiefnemers van het vak. Een korte Q&A met de leraar.

Q: Het vak gelukskunde, wat houdt het precies in?

A: In deze lessen denken de leerlingen na over geluk en welke invloed je daar zelf op hebt. Ook leren ze hun gevoelens te uiten, dit leren ze bijvoorbeeld door hun problemen klassikaal te bespreken. Zaken als omgaan met stress of het oplossen van conflicten komen ook uitgebreid aan bod. Als kinderen beter met dit soort zaken om leren om te gaan, zullen ze zich prettiger voelen en ook beter presteren op school.

Q: Waarom bent u dit vak gaan geven?

A: Ik werd toentertijd benaderd door Tjeu Seeverens, de grondlegger van gelukskunde. Hij vroeg wat ik van het idee vond en of ik hem zou kunnen helpen met het uitwerken van het vak. Toen ik het concept zag was ik meteen om en besloot ik dat ik dit vak wilde gaan geven. Waarom? Ieder jaar heb ik kinderen in mijn klas die niet goed met stress omgaan of vanwege problemen niet goed functioneren op school of daarnaast. Voor die kinderen ben ik het vak gaan geven, zodat ze wel weer met een lach naar school gaan en goede resultaten kunnen boeken.

Q: Wat voor feedback krijgt u van de kinderen?

A: Kinderen geven steeds weer aan dat ze echt heel veel van het vak gelukskunde leren. Er zijn heel veel leerlingen die het vak vorig jaar niet volgden en dit jaar naar de directie zijn gestapt om het vak wel te mogen volgen. Ook van ouders krijg ik positieve reacties, zo kwam er laatst een ouder naar mij toe en vertelde dat haar kind zich veel beter kon wapenen tegen pestgedrag door het vak.

Q: Hoe zit de gemiddelde les gelukskunde eruit?

A: Nou, iedere les begin ik met een energizer. Dat is vaak een videoclip, waardoor de leerlingen loskomen van de sleur op school…

Q:…Wat voor videoclip liet u vandaag zien?

A: …oei, even denken. Ik liet The Saints Are Coming zien, van Green Day en U2. Een nummer met een stoere clip en een lekker hoog tempo. Zodat de kinderen even kunnen rocken voordat de les begint. Voor de rest staat staat nadenken en praten centraal. Zo moesten de kinderen vandaag de dingen die hun dwars zaten voor de klas vertellen en ze in de prullenbak gooien. De les wordt vaak afgesloten met dansen op muziek, om nieuwe energie op te doen voor de rest van de schooldag.

Q: Bent u zelf gelukkiger worden van het geven van gelukskunde?

A: Haha, ik denk het wel. Het voelt erg goed om kinderen te helpen met hun problemen en als ik dan van een ouder hoor dat haar kind zich niets meer van een pestkop aantrekt, dan heb ik het gevoel dat ik de hele wereld aankan.


‘Ik geloof dat de werkelijke zin van ons leven het zoeken naar geluk is. Dat is duidelijk. Of je nu religieus bent of niet, of je nu gelooft in die of die godsdienst, we zijn allemaal op zoek naar iets beters in het leven. Daarom denk ik dat het leven werkelijk gericht is op geluk…’ – Dalai Lama, in The Art Of Happiness

Het eerste boek dat ik las toen ik mijn onderzoek begon was The Art Of Happiness. Dit boek vertelt het verhaal van Howard Cutler, een psychiater, die de Dalai Lama een aantal keer spreekt en de theorieën van de spiritueel leider onderzoekt. In het boek passeren veel boeddhistische thema’s de revue, daarom zal ik vandaag de plaats van geluk in het boeddhisme onder de loep nemen.

Vijfentwintighonderd jaar geleden leerde een wijze man in India, in de geschiedenis bekend geworden als de Boeddha, dat de sleutels tot geluk voornamelijk in het verstand zelf te vinden zijn en dat uiterlijke condities, zoals rijkdom, roem en macht, slechts factoren zijn die dit vergemakkelijken. Deze secundaire factoren zijn als stukken gereedschap; zij kunnen behulpzaam zijn of schaden bij de zoektocht naar geluk, al naar gelang de conditie van het verstand dat ze gebruikt.

De Boeddha definieerde drie obstakels die geluk in de weg staan: ten eerste, het niet begrijpen van de natuur van het zelf (waarnaar hij verwees als anatma of ‘voorbij-het-zelf’); ten tweede, het verstand van gehechtheid, verslaving en hebzucht; en ten derde, boosheid en het vijandigheidssyndroom. Bovendien sprak hij hierover in termen van ‘vergif voor zowel het verstand als het lichaam’. De Boeddha gaf speciale aandacht aan het derde punt, het vijandigheidssyndroom, want, zei hij, het is het meest onmiddellijk destructief voor de gezondheid en het geluk van de mens zelf en van anderen. Het is ook het ruwste van de drie en aldus het gemakkelijkst te begrijpen en in toom te houden.

‘Ieder mens wil gelukkig zijn en niemand wil lijden.’ – Dalai Lama, in The Art Of Happiness

Kort gezegd leert de Boeddha dat er onvrede is en hoe onvrede ophoudt (de vier nobele waarheden). De oorzaak van onvrede is verlangen (inclusief zijn tegendeel: aversie).

De vier edele waarheden

De vier nobele waarheden beschrijven het lijden, de oorzaak hiervan, de mogelijkheid om er van verlost te worden, en de weg om deze verlossing te bereiken. Deze waarheden worden soms ook geformuleerd in termen van de aanwezigheid van geluk, haar oorzaak, de afwezigheid ervan en de oorzaak van deze afwezigheid.

De vier nobele waarheden in de klassieke definitie zijn:

  1. Er is lijden en ontevredenheid in het leven
  2. Er is een oorzaak voor dit lijden: verlangens
  3. Er is een einde aan dit lijden mogelijk
  4. En er is een weg die hier naartoe leidt: Het Achtvoudige Pad.

Het Achtvoudige Pad

Het Achtvoudig Pad is het pad naar het einde van lijden. In het boeddhisme wordt het vaak symbolisch weergegeven als een wiel met acht spaken.

De acht aspecten van het Achtvoudig Pad zijn:

1 juist begrip / juiste inzicht
  1. Begrijpen wat lijden is.
  2. De oorzaak van lijden begrijpen.
  3. De opheffing van lijden begrijpen.
  4. Het pad begrijpen dat leidt naar de opheffing van lijden.
2 juiste gedachten / juiste intenties / juiste bedoelingen

  1. Gedachten van het verzaken van zelfzucht.
  2. Gedachten van welwillendheid, liefdevolle vriendelijkheid.
  3. Gedachten van geweldloosheid, harmonie of mededogen.
3 juist spreken (pali: samma vaca).
  1. Onthouding van het vertellen van leugens.
  2. Onthouding van het spreken van lasterende taal.
  3. Onthouding van het spreken van harde woorden.
  4. Onthouding van onzinnig gepraat.
4 juist handelen (pali: samma kammanta)

  1. Onthouding van doden.
  2. Onthouding van nemen wat niet gegeven is.
  3. Onthouding van seksueel wangedrag.
5 juiste wijze van levensonderhoud

  1. Geen handel in wapens.
  2. Geen handel in slaven en prostitutie.
  3. Geen handel in levende wezens voor vleesproductie en slachterij of iedere andere handel in wezens.
  4. Geen handel in vergif.
  5. Geen handel in bedwelmende middelen.
6 juiste inspanning (pali: samma vayama)
  1. Slechte gedachten en heilloze zaken die nog niet opgekomen zijn vermijden.
  2. Het overwinnen van slechte gedachten en heilloze zaken die reeds opgekomen zijn.
  3. Het opwekken en ontwikkelen van heilzame (kusala) zaken en goede gedachten die nog niet opgekomen zijn.
  4. Het tot groei brengen van heilzame zaken en goede gedachten die reeds opgekomen zijn.
7 juiste indachtigheid / juiste meditatie (aandacht, bewustzijn, concentratie)

  1. Bewustzijn van het lichaam.
  2. Bewustzijn van gevoelens.
  3. Bewustzijn van de geest.
  4. Bewustzijn van mentale objecten namelijk:
  • De vijf hindernissen.
  • De vijf aggregaten van hechten.
  • De zes innerlijke en zes uiterlijke zintuigsferen.
  • De zeven factoren van verlichting.
  • De vier edele waarheden.
8 juiste concentratie 

  1. Ontvangen wijsheid, 1e transformatie.
  2. Wijsheid vanuit ervaren, 2e transformatie.
  3. Wijsheid vanuit zelfinzicht, 3e transformatie.

In mijn interview met Ruut Veenhoven van afgelopen week sprak de 70-jarige ‘geluksprofessor’ over een van zijn nieuwe projecten: De Gelukswijzer. Hij vertelde dat de website bedoeld is voor mensen die willen weten hoe gelukkig ze zijn ten opzichte van anderen en voor mensen die gelukkiger willen worden. ‘Op de Gelukswijzer vul je in wat voor iemand je bent’, vertelde Veenhoven. ‘ Vervolgens vul je in hoe gelukkig je bent en dat kun je dan vergelijken met dezelfde soort mensen.’ Tijd dus om als gelukszoeker mezelf aan te melden op de website.

Aangekomen op de website springt er meteen een grafiek in het oog, de Dagelijke Geluksindex(DGX). De DGX toont per dag het gemiddelde dagelijkse gelukscijfer (0-10) en het gemiddelde maandelijkse gelukscijfer (0-10) van alle deelnemers aan de GeluksWijzer. Vandaag, 20 oktober, is het gelukscijfer bijvoorbeeld een 6,2, ver onder het cijfer dat de gemiddelde Nederlander aan zijn/haar geluk geeft, een 7,8.

post1

De eerste stap om mij aan te melden is zelf mijn gelukscijfer van de dag en de maand in te vullen,  na dat gedaan te hebben (mijn cijfers waren respectievelijk een 7 en een 6) mocht ik door naar het volgende level. Op de volgende pagina moest ik mijn persoonlijke gegevens invullen zodat ik vergeleken kan worden met deelnemers ‘in dezelfde situatie als jij.’ Ook bij deze taak slaag ik met vlag en wimpel en krijg vervolgens dit te zien:

post2

Uit de cijfers kunnen twee conclusies worden getrokken: ten eerste zijn mensen in ‘dezelfde situatie’ als ik zijn ongelukkiger dan de gemiddelde deelnemer en ten tweede, ik ben gelukkiger dan deelnemers die zich in ‘dezelfde situatie’ als ik bevinden. Juist.

Vervolgens komen we terecht in het hoofdmenu. Hier kan je kiezen tussen verschillende tests, het invullen van een ‘geluksdagboek’ en de resultaten van de tests. Ik kies voor de tweede optie en begin aan een dagboek. Stiekem hoop ik dat het gaat om een ‘lief dagboek’-dagboek, maar niets blijkt minder waar. Je vult eerst een ‘dagboek van gisteren’ in met behulp van pictogrammen en vertelt per activiteit hoe lang de activiteit duurde en met wie ik het deed. Om duidelijk te maken hoe mijn zaterdag eruit zag:

post3

Onmiddellijk concludeer ik dat ik het overgrote deel van deze activiteiten alleen doe en dat ik daar maar eens op moet gaan letten. Een andere conclusie die ik trek is dat ik volgens mij nog nooit zoveel tijd heb besteed aan studeren op een zaterdag, in dit geval het uitwerken van een interview. Op de volgende pagina wordt er van mij gevraagd om iedere activiteit te beoordelen qua geluk. Het gelukkigst ben ik tijdens ‘bewegen’, in mijn geval een basketbalwedstrijd spelen, iets wat ik doe met anderen.

Begrijpen

Na het invullen van mijn dagboek begin ik te snappen hoe de Gelukswijzer in elkaar steekt en begrijp ik dat dit wel degelijk kan werken. De activiteiten die je dagelijks doet moet je waarderen en na verloop van tijd kun je duidelijk een trend zien ontstaan in welke dingen jou gelukkig of ongelukkig maken. Het dagboek onthoudt de cijfers die je geeft namelijk. Over anderhalve week zal ik mijn tussentijdse bevindingen bekend maken.

post4

Mijn gemiddelde cijfers na een dag

 

Wil jij ook weten hoe gelukkig jij bent ten opzichte van anderen? En zou jij meer inzicht willen krijgen in jouw geluk? Kijk dan snel op de website van de GeluksWijzer

 


Ruut-Veenhoven

In het buitenland staat hij bekend als The Godfather of Happiness Studies, in Nederland kennen we hem als de geluksprofessor. Ik heb het over de 70-jarige Ruut Veenhoven, pionier in het onderzoek van en naar geluk. Al vierenveertig jaar onderzoekt hij het fenomeen en is er nog lang niet klaar mee. De Hagenaar vond afgelopen week wat tijd voor The Happiness Project. Een korte Q&A.

Q: Waarom bent u ooit begonnen met het onderzoeken van geluk? 

A: Omdat ik het een interessant onderwerp vond. Ik studeerde toentertijd sociologie en veel van mijn medestudenten waren hartstikke links, met grote Che Guevara posters op hun kamer. Zij zagen Cuba en de Sovjet-Unie als het paradijs op aarde. Ik vond het een beetje vreemd dat je, als student sociologie, zo verschrikkelijk ideologisch kon zijn. Toen bedacht ik me dat je kon uitzoeken welke ideologie ‘de beste was’, namelijk door uit te zoeken hoe gelukkig mensen in die landen leven.

Q: …en dat was…in het begin van de jaren 70?

A: Nog eerder zelfs, eind jaren ’60. Mijn eerste publicatie stamt uit het jaar 1969.

Q: Dus u doet al 44 jaar onderzoek naar geluk?

 A: Ja, best lang eigenlijk.

Q:  Wat bent u zoal tegengekomen in uw onderzoek?

A: Nou, best veel eigenlijk, haha.

Q: De hoogtepunten.

A: Uhm…nou, kun je geluk definiëren? Het antwoord is ja, geluk kun je definiëren als levensvoldoening. En dat is wat anders dan van tevoren vaststellen wat gelukkig maakt. Allereerst moet je onderscheid maken tussen de toestand van geluk en de oorzaken van geluk. Die toestand kun je definiëren en als je dat helemaal gedaan hebt kun je dus uitzoeken van wat de oorzaken zijn. Stap twee daarvoor is of je het geluk kunt meten. Dat blijkt goed mogelijk te zijn. Want in deze definitie is geluk iets wat je in gedachten hebt en dingen die je in gedachten hebt kun je gewoon naar vragen…

Q:…en daar kun je dan bijvoorbeeld een cijfer aan geven?

A: Precies, in dat opzicht kun je geluk vergelijken met hoofdpijn. Heb je hoofdpijn ja of nee en hoe erg doet het zeer. De volgende stap is wat maakt nou dat mensen gelukkig zijn? En daaruit blijkt dat de maatschappij ontzettend veel uitmaakt. Alleen anders dan de linkse studenten uit de jaren ’60 dachten, namelijk dat het Westen de bron van ellende was. De mensen in het Westen zijn juist het gelukkigst.

Q: En waar ligt dat aan?

A: Gedeeltelijk aan de gegroeide welvaart, maar voor een belangrijk deel ook aan de vrijheid. In de moderne westerse landen kun je je leven inrichten zoals je wil. Je kunt bijvoorbeeld journalistiek gaan studeren, je kunt je eigen partner uitzoeken, als je homoseksueel bent kun je met een man trouwen en dat maakt dat meer mensen in een leven terecht komt dat bij hun past.

Q: Van welke uitkomst was u het meest verrast?

A: Van veel was ik niet zo verrast. Ik had al lang door dat het paradijs niet achter het IJzeren Gordijn lag. Wat mij wel verraste, is dat ik geen verband vond met inkomensongelijkheid. Mensen in landen als Nederland en Scandinavië zijn het gelukkigst en ik dacht dat dat kwam door de grote inkomensgelijkheid en de sterkte verzorgingsstaat, maar toen ik dat probeerde te bewijzen bleek dat dus niet te kloppen. Ook was ik verrast toen bleek dat geluk niet relatief is. Je hoort vaak dat geluk ligt in het beter zijn dan anderen en dat mensen niet gelukkig kunnen worden omdat er altijd mensen beter zijn dan hun. Ook dat blijkt dus complete onzin te zijn.

Q: We hadden het net even over het cijfer geven aan geluk, hoe gelukkig zijn wij Nederlanders?

A: In Nederland is dat cijfer momenteel een 7,8.

Q: Dat klinkt best hoog.

A: Dat is het ook, het kan uiteraard nog beter, want in Denemarken is dat cijfer een 8,3.

Q: Met welk project bent u momenteel bezig?

A: Meerdere projecten. Een van die projecten is de Gelukswijzer. Stel je woont in Nederland en bent niet zo gelukkig, je geeft jezelf een zesje. Dan zou je willen weten of jouw zesje een zeven zou kunnen zijn. Op de Gelukswijzer vul je in wat voor iemand je bent, hoe gelukkig je bent en dat kun je dan vergelijken met dezelfde soort mensen.

Q: Ik zie dat het dagelijkse gelukscijfer momenteel niet erg hoog is (6,3)

A: Haha, dat zal wel aan het weer liggen.

Q: Hoe word iemand gelukkiger met de Gelukswijzer?

A: Nou er zijn een aantal tools voor. Zo kun je een geluksdagboek gebruiken. Daarin kun je bijhouden wat je gedaan hebt en hoe leuk je dat vond. Dat geeft een beter zicht op dingen die jij wel en niet leuk vindt. En dat kun je vervolgens ook weer vergelijken met andere mensen.

Q: Hoeveel mensen maken er gebruik van de Gelukswijzer?

A: Op het ogenblik zijn er volgens mij rond de zeventigduizend mensen die het gebruiken.

Q: Ten slotte, als u ’s ochtends wakker wordt en in de spiegel kijkt, ziet u dan een gelukkig mens?

A: Nou, ik ben een gemiddelde Nederlander dus ik zit tegen de acht aan hè, haha. Zelfs in de ochtend.

 


money-happiness

Een van de meest veelvoorkomende discussies omtrent geluk is: maakt geld gelukkig? Zijn mensen met dikke auto’s, grachtenpanden en PC Hooftkleding gelukkiger dan Jan Modaal? Door de jaren heen is er veel onderzoek naar gedaan, tijd om achter het antwoord te komen.

Het hebben van geldzorgen is niets iets dat bijdraagt aan het geluk. Het kan zelfs diep ongelukkig maken. Om  balans in je leven te hebben is het prettig dat je voldoende hebt om van te leven. Dit houdt bijvoorbeeld in dat je je woning kunt betalen, dat je de nodige boodschappen kunt doen en kunt voorzien in kleding. Je hoeft niet veel te hebben als het maar genoeg is.

Volgens Harvard-psycholoog Daniel Gilbert maakt geld gelukkig tot een bepaalde hoogte. ‘A little money can buy you a lot of happiness, though a lot of money buys you only a little more happiness’, zegt de geluksdeskundige in een interview met de Harvard GazetteGilbert, tevens schrijver van bestseller Stumblin on Happiness, vertelt ook dat het gaat om de wijze waarop men geld uitgeeft. Zo zijn mensen gelukkiger als ze geld investeren in het geluk van iemand anders, dan wanneer ze spullen voor zichzelf kopen met dat geld.

Tijdelijke werking

Meer geld maakt tijdelijk gelukkiger. In verband genomen met een hoger salaris, zien we dat dit ook betekent dat mensen harder moeten gaan werken, meer uren draaien, meer gespannen zijn en minder tijd hebben voor kwaliteit van leven.

Psycholoog Daniel Kahneman en econoom Alan B. Krueger, beide verbonden aan Princeton University Amerika, trekken op basis van hun onderzoek de conclusie dat een hoog inkomen gelijk staat aan een goed humeur gebaseerd is op en illusie. ‘Mensen met een meer dan gemiddeld inkomen zijn relatief genomen tevreden over hun leven’, legt Kahneman uit. ‘Ze zijn nauwelijks gelukkiger dan anderen voor wat betreft de gelukservaring in het hier en nu. Ze zijn zelfs meer gespannen en besteden minder tijd aan plezierige activiteiten.’

Income-vs-Happiness-e1284121721266

Met een jaarinkomen van 58.000 euro bereik je het plafond van je geluksgevoel. Als je meer geld verdient, kun je wel tevredener worden, maar gelukkiger word je er niet van. Dat concludeerde het snel na een onderzoek met 450 000 deelnemers. ‘Wij concluderen daaruit dat geld tevredenheid koopt, maar geen geluk’, aldus de onderzoekers.

Ruut Veenhoven

In Nederland is prof. dr. Ruut Veenhoven (Erasmus Universiteit) al meer dan twintig jaar bezig met onderzoek naar geluk. Hij onderschrijft de uitkomst van beide onderzoeken: ‘Voor wie heel arm is, maakt geld gelukkig, maar vanaf een bepaald inkomen heeft meer geld geen invloed meer op ons geluk.’

 

 

 


Image Een van de trends van dit moment is het volgen van mindfulness. De levenshouding wordt aangeraden door onder andere psychologen om bijvoorbeeld burn-outs en depressies tegen te gaan. Ook wordt er beweerd dat je ‘gelukkiger’ wordt van de oosterse levenshouding. Samen met Jorieke van Noorloos volgde ik een proefles. Op een regenachtige en troosteloze avond staan we er dan. Op een afgelegen terrein in De Meern. Geheel toepasselijk kunnen we niet door de voordeur naar binnen, maar moeten we via een ietwat krakkemikkige wenteltrap aan de achterkant het gebouw in. Eenmaal binnen nemen we plaats in een klein kamertje met daarin acht stoelen, keurig gevormd in halve cirkel. De lerares heet ons welkom en stuk voor stuk druppelen de mensen binnen. We beginnen de proefles met een klein voorstelrondje. Om de oefening wat minder stressvol (want dat was hij natuurlijk wel) te maken moeten we ons voorstellen aan jouw buurman/buurvrouw. Mijn buurman studeert in Groningen en volgt de les omdat hij moeite heeft met praten voor een groep mensen. Mijn buurvrouw heeft een burn-out en is doorverwezen door haar therapeut. Nog geen mensen die direct op zoek zijn naar geluk dus. Wat is mindfulness? De lerares vervolgt haar les met betekenis van mindfulness:

Mindfulness is de techniek om met aandacht te leven. Met mindfulness leer je bewust omgaan met spanning en stress en je energie beter te doseren. Het leven wordt makkelijker en voelt rijker aan.

De levenshouding is dus vooral bedoeld voor mensen die vaak piekeren, stress hebben en druk zijn in hun hoofd.

De oefeningen

Na de uitleg krijgen wij onze eerste oefening: de minuut oefening. De docente haalt een klok tevoorschijn en laat ons zestig seconden lang de secondewijzer volgen. Als de minuut voorbij is vraagt ze ons hoe vaak we onze concentratie verloren. De een zegt drie keer, de ander nul en een ietwat scheel kijkende man verloor zijn concentratie ongeveer vijftien keer(!). Enfin, het ging hier volgens de trainster om een aandachtsoefening. Om ons bewust te worden van de gedachten die ons zelfs tijdens zo’n oefening lastig vallen.

Na een korte discussie gaan wij verder met de tweede oefening: vragen hoe het met jezelf en je lichaam gaat. Met onze ogen dicht op een vrij oncomfortabele stoel leidt de lerares ons door de oefening. ‘Vraag eens aan jezelf hoe het nou écht met je gaat’, is een van haar duidelijke instructies. Drie minuten later kom ik tot de conclusie dat het best goed met mijzelf gaat. Waarom weet ik overigens niet.

Image

Na een korte theepauze gaan we door met het hoogtepunt van de proefles: de bodyscan. Na een hoop tromgeroffel bij de introductie waren mijn verwachtingen hoog gespannen. Zou ik dan eindelijk te weten komen of mijn enkels er echt zo slecht uitzien, als dat ze zo nu en dan voelen? En hoe functioneren mijn organen na tweeëntwintig en een half jaar? Niet veel later maant onze docente ons om de ogen dicht te doen. Geen MRI-scan of röntgenfoto dus, maar gewoon zelf aan je lichaam vragen hoe het met hem/haar gaat. De eerste instructie die we krijgen luidt als volgt: ‘Vraag eens aan jouw linkervoet hoe het met hem gaat.’ Inmiddels hoor ik Jorieke naast me stikken in haar eigen lach. Na de linkervoet vervolgen we onze weg langs de kuit, knie en heup, om vervolgens het rechterbeen, beide armen, de buik en het hoofd te doen. Vijftien minuten later, wanneer ik tot de conclusie ben gekomen dat mijn lichaam prima functioneert, moeten wij onze ogen weer opendoen. De trainster vraagt vervolgens of wij nog aparte dingen gevoeld hebben. Nee, dat was het niet geval.

Jorieke vatte de oefening mooi samen:

 Image

We sluiten de les af met wederom een ademhalingsoefening, dit keer duurt de oefening slechts vijf minuten. Het is inmiddels al bijna negen uur ‘s avonds en ik ben inmiddels zo ontspannen van de therapie dat ik bijna in slaap val als ik weer mijn ogen moet sluiten.

Deze vijf minuten gaan snel voorbij en langzamerhand begint de begeleidster de sessie af te sluiten. Ik begin me bij mezelf maar eens af te vragen of de les mij iets heeft geholpen. Ik kom tot de conclusie dat de les mij wel iets heeft geholpen. De ademhalingsoefeningen hebben wat stressvolle zaken naar de achtergrond gedrukt en ik sta met een ‘leeg’ hoofd op. Maar is het de prijs(acht lessen voor €450,-) waard? Nee, de meeste oefeningen kun je ook gratis online vinden, of lezen in een boek(á €40,-).

En of ik gelukkiger ben geworden van de proefles? Nee, dat ben ik ook niet.



%d bloggers like this: